Films 1895 - 2015
1980

The Shining

The Shining is de verfilming van de gelijknamige roman van griezelspecialist Stephen King. Grootmeester Stanley Kubrick maakte van The Shining een echte klassieker – daarover is de hele wereld het zo’n beetje eens. Met uitzondering van één persoon: Stephen King zelf.

Die kon het niet verkroppen dat Kubrick zich de vrijheid permitteerde om het verhaal naar eigen hand te zetten, waarbij hij het einde compleet overhoop haalde. Stephen King hoopte jaren later artistiek revanche te nemen met de miniserie van The Shining (Mick Garris, 1997). King schreef zelf het scenario daarvoor en volgde zijn boek tot op de letter. Helaas is het eindresultaat een misbaksel van jewelste dat niet in de schaduw van Kubricks meesterwerk kan staan.

Wat is een absolute garantie voor kippenvel? Een afgelegen locatie! Alfred Hitchcock situeerde Psycho in een vrijstaand huis en in het ruimteschip van Alien zijn de hulptroepen lichtjaren verwijderd (vandaar de slagzin ‘in space no one can hear you scream’). Een van de mooiste voorbeelden van een geweldige locatie, die haast zelf een hoofdrolspeler is, is het gesloten hotel in The Shining. Daar moet Jack Nicholson -een schrijver met writers block- als conciërge met zijn gezin zien te overwinteren. Het wordt geen fijn verblijf, zeker niet als het zoontje spookverschijningen ziet en pa langzaam maar zeker doordraait.

Voor de opnames in de lange hotelgangen gebruikte Kubrick als een van de allereersten een steadycam om mooie, vloeiende bewegingen te maken. Hij was zelfs de allereerste filmregisseur, maar omdat de perfectionist lang aan een film werkte (Over The Shining deed hij drie jaar) ging Sylvester Stallone met zijn Rocky met de steadycam-eer strijken.